De voorlopige aanslagen 2014 voor de inkomstenbelasting (IB) en vennootschapsbelasting (Vpb) zullen inmiddels verzonden zijn. Hebben deze aanslagen ook een juiste schatting van 2014? Zo nee, wat moet u dan doen? Indien de opgelegde voorlopige aanslag een goede benadering is van de verwachting voor 2014 maar onjuist, bijvoorbeeld te laag, dan kan de Belastingdienst een nadere voorlopige aanslag opleggen.
De belastingrente heeft de heffigsrente vervangen en is van toepassing vanaf IB-aanslagen 2012 die in 2013 worden vastgesteld en voor de Vpb voor boekjaren die aanvangen vanaf 2012. Per 1 januari 2014 is het minimumpercentages voor de IB 4% en voor de Vpb 8%. Over een na te betalen bedrag aan IB- of Vpb over het kalenderjaar 2014 is met ingang van 1 juli 2015 belastingrente verschuldigd. Uit hoofd van de rente kan men eventueel wachten tot het einde van het jaar, of tot de eerste helft van 2015, met het aanvragen van een (nadere) voorlopig aanslag. Momenteel zijn de commerciële rentestanden heel laag. Vaak tussen de 1% en 2%. U heeft er dus geen belang bij om uw geld tegen die condities vast te zetten om later een veel hoger percentage aan belastingrente te betalen, omdat uw werkelijke aanslag zoveel afwijkt van de voorlopige. U kunt beter tijdig corrigeren, indien nodig.
Met ingang van 1 januari 2014 kan er een (vergrijp)boete worden opgelegd als opzettelijk onjuiste of onvolledige gegevens worden verstrekt in een verzoek om het opleggen van een voorlopige aanslag of het herzien hiervan. De op te leggen boete bedraagt maximaal 100% van het bedrag aan belasting dat als gevolg van de onjuiste gegevens ten onrechte is of zou zijn teruggegeven of niet is of niet zou zijn betaald. Een goed onderbouwde schatting wordt steeds belangrijker.



